Posts tonen met het label dwaasheid. Alle posts tonen
Posts tonen met het label dwaasheid. Alle posts tonen

donderdag 8 januari 2009

(Ook) de wijsheid gekroond

Met het bericht 'de dwaasheid gekroond' (zie blogarchief december 2008) wordt de wijsheid natuurlijk niet onttroond. Het begrip wijsheid en vooral de menselijke opvattingen hierover kunnen ernstig worden gerelativeerd, maar het bestaan van wijsheid wordt daarmee niet ontkend. Wat niet bestaat, kunnen we immers ook niet relativeren. Hieronder een korte bijbelse beschouwing over de wijsheid.
"Door wijsheid wordt een huis gebouwd, door inzicht houdt het stand, door kennis worden de kamers gevuld met rijke en kostbare pracht" (Spreuken 24:3-4, NBV). In deze verzen uit het boek Spreuken horen wijsheid, inzicht en kennis bij elkaar. Het zijn hier haast synoniemen. Wijsheid is het fundament. (Praktisch) inzicht en (theoretische) kennis zijn twee belangrijke aspecten van de wijsheid. Beiden zijn nodig om een huis--eenmaal gebouwd--in te richten en te onderhouden. Voor elke beslissing, elke handeling is wijsheid nodig. Dat geldt ook voor ons geestelijk leven.
Wijsheid is niet iets wat we zomaar uit onszelf kunnen vinden. Het is eerder iets wat we kunnen ontvangen. Het is een gave van God. "Komt een van u wijsheid tekort? Vraag God erom en hij, die aan iedereen geeft, zonder voorbehoud en zonder verwijt, zal u wijsheid geven" (Jakobus 1:5, NBV). Een eerste sleutel om wijsheid te vinden, is dus het gebed. J.I. Packer geeft daarbij in zijn boek 'God leren kennen' (pp. 89-90) twee noodzakelijke stappen om wijsheid te ontvangen:
1. God vrezen: "De vreze des Heren is het begin der wijsheid" (Job 28:28; Psalm 111:10; Spreuken 1:7; 9:10, NBG). Met 'vrees' wordt geen 'angst' bedoeld, maar 'eerbied' en 'ontzag'. God vrezen betekent ontzag hebben voor God, op God vertrouwen en niet op ons eigen inzicht.
2. Gods Woord aannemen: "Uw gebod maakt mij wijzer dan mijn vijanden, ik ben er eeuwig mee verbonden. Ik ben verstandiger dan al mijn leermeesters, want ik overdenk uw richtlijnen, ik heb meer inzicht dan ouderen, want uw regels volg ik op" (Psalm 119:98-100, NBV).
In het Nieuwe Testament wordt Jezus Christus "Gods wijsheid" genoemd (1 Korintiërs 1:24, NBV)), in wie "alle schatten van wijsheid en kennis verborgen liggen" (Kolossenzen 2:3). Zijn leven wordt gekenmerkt door gebed, ontzag voor de Vader en goede vertrouwdheid met de Schriften. De belangrijkste sleutel voor de wijsheid--zo lijkt het tenminste--ligt dus in de navolging van Christus. Veel wijsheid gewenst.

vrijdag 19 december 2008

De dwaasheid gekroond

Afgelopen zondag las ik in de trein van Amsterdam naar Eindhoven op aanraden van een goede vriendin het boekje Lof der Zotheid of De Dwaasheid gekroond: een pronkrede van Desiderius Erasmus en hierin kwam ik enkele citaten tegen die ik graag met anderen deel. Natuurlijk kwam ik vele leuke, mooie of sprekende citaten tegen, maar het recht komt mij niet toe om heel het boekje hier te gaan overtypen. Het doel van mijn citeren is niets meer of minder dan de lezer warm te maken om het betreffende werk zelf te gaan lezen. In bovenstaand werk van Erasmus komt het erop neer dat de wijze dwaas is en de dwaze wijs, een vaak over het hoofd gezien, maar een heel bijbels principe (vgl. 1 Korintiërs 1:18-31).
Eerst is het handig om de wijze een beetje te kunnen plaatsen: "Nodig een wijze uit voor een diner en hij zal het verpesten door te zwijgen als het graf of door de gasten met vervelende vraagstukjes lastig te vallen. Vraag hem te dansen en je zult een kameel bokkensprongen zien maken. (...) Als er iets gekocht moet worden, kortom als er iets gedaan moet worden wat essentieel is voor de dagelijkse gang van zaken, dan lijkt die wijze eerder een zoutzak dan een mens. In geen enkel opzicht kan hij van enig nut zijn voor zichzelf of zijn vaderstad of zijn omgeving, omdat hij geen weet heeft van gewone dingen en mijlenver afstaat van de publieke opinie en de normale maatschappij. Het is logisch dat hij zich daarmee ook gehaat maakt, door met zulke andere opvattingen in het leven te staan. Want is niet alles wat zich tussen stervelingen afspeelt één en al dwaasheid, door dwazen en voor dwazen?" (Lof der Zotheid, vertaling door Harm-Jan van Dam, Salamander Klassiek, 2005, pp. 44-45). Toen ik het, eenmaal in Eindhoven aangekomen, aan mijn zus voorlas, moest zij hard lachen, omdat zij enige kenmerken van de zogenaamde wijze in mij meende te herkennen. Nu meen ik--naar ik hoop en probeer--nooit wijs te zijn, maar al zou mijn zus het bij het rechte eind hebben, dan blijf ik volgens de logica van Erasmus gelukkig nog altijd een dwaas.
Vervolgens een mooie raadgeving voor de wijze: "Niets is dwazer dan misplaatste wijsheid; zo getuigt er ook niets van minder inzicht dan onzinnig inzicht. Want je gedraagt je onzinnig als je je niet aanpast aan de situatie, als je wereldvreemd bent en je niet op z'n minst aan de eerste regel van het drinkgelach wilt houden: drink wijn of verdwijn, en als je eist dat een toneelstuk iets anders dan een toneelstuk is. Daarentegen getuigt het van echt inzicht om niet wijzer te willen zijn dan de mens toekomt en mét de hele rest van de mensheid ofwel gewillig mee te spelen of je beleefd te laten bedriegen. Maar dat getuigt nu juist van dwaasheid, zeggen ze. Dat zal ik niet ontkennen; als zij dan maar toegeven dat zó nu eenmaal de komedie van het leven gespeeld wordt." (p. 50). Dat geeft weer stof tot nadenken voor de wijze. Of wellicht kan hij of zij beter eens niet nadenken.